Hoofdstuk 2.
Het Financieringslandschap

Het financieringslandschap voor de culturele en creatieve sector in Nederland is divers en biedt verschillende mogelijkheden voor de uiteenlopende financieringsbehoeften van de verschillende actoren die de sector rijk is. Een groot museum heeft uiteraard een andere financieringsbehoefte dan een game ontwikkelaar, en een glasblazerij van een broedplaats.

Het financieringslandschap in Nederland bestaat grofweg uit 4 categorieën: Overheidsubsidies, Private Fondsen, Leningen en Risicodragend kapitaal.

2.1. Overheid-subsidies

De overheid is nog steeds de voornaamste financier van de culturele en creatieve sector in Nederland. Het totale jaarlijkse bedrag voor de culturele basisinfrastructuur (incl. fondsen) voor de subsidieperiode 2025-2028 bedraagt € 497,22 miljoen.33 Het landelijke culturele subsidiestelsel heet de culturele basisinfrastructuur (BIS) en is een vierjarig subsidie aan organisaties in de culturele en creatieve sector voor de duur van vier jaar. De Raad voor Cultuur adviseert over de toekenning van deze subsidies. Meestal komen alleen gevestigde culturele organisaties voor deze subsidies in aanmerking. Naast de BIS zijn er zes rijkscultuurfondsen.

Ook in Nederland is veel aandacht voor de maatschappelijke en economische impact van de sector. In de meerjaren brief “De kracht van creativiteit (2023 - 2027)” van voormalig staatssecretaris Uslu, wordt bijvoorbeeld benadrukt dat cultuur kan bijdragen aan de maatschappelijke opgaven waar we voor staan. Zo schrijft Uslu: “We hebben kunstenaars, ontwerpers en andere creatieve professionals nodig om de complexe transities aan te pakken. Zij hebben de instrumenten in handen om met de veranderingen om te gaan en kunnen nieuwe toekomsten verkennen en verbeelden.”34

Een interessante ontwikkeling is dat onlangs het Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) is goedgekeurd door het Nationaal Groeifonds. (102,3 miljoen euro voor de eerste fase van drie jaar) Het CIIIC is een coalitie van 120 deelnemers afkomstig uit de creatieve sector, kennisinstellingen, onderwijs, industrie, evenementen, media en cultuur met de missie om de ontwikkeling van immersive experiences (IX) in Nederland te stimuleren. "Bij IX kun je denken aan het gebruik van virtual reality om historische gebeurtenissen te herbeleven, een virtueel concert in je woonkamer bij te wonen, educatie en training in de gezondheidszorg en het onderwijs.” Een cruciaal element is daarbij de aandacht voor publieke belangen en de rol van de culturele en creatieve sector bij de grote transitie opgaven.35

Daarnaast kent het Nederlandse missiegedreven innovatiebeleid een belangrijke rol toe aan de culturele en creatieve sector om de grote transities te versnellen. Vanaf 2023 richt het innovatiebeleid zich op vijf doelen op het gebied van de Energietransitie, Circulaire Economie, Gezondheid & Zorg, Landbouw, Water en Voedsel en Veiligheid met een jaarlijkse inzet van €4,9 miljard.36 Volgens de rijksoverheid zijn deze maatschappelijke uitdagingen zijn zo groot en complex, dat ze meerdere vakgebieden bestrijken en daarmee om cross-sectorale samenwerking vragen. De rijksoverheid heeft de culturele en creatieve sector daarom aangemerkt als een topsector, een onmisbare schakel in de aanpak van deze maatschappelijke uitdagingen. Complexe, landelijke problemen vragen om technologische, sociale én culturele uitkomsten. De culturele en creatieve sector kan -met haar creatieve vermogen, verbeelding en ontwerpkracht- een essentiële bijdrage leveren.37

Vanuit de EU zijn er ook tal van subsidie en innovatie regelingen voor de culturele en creatieve sector zoals Creative Europe, Digital Europe, Horizon Europe (inclusief het S+T+ARTS programma) en specifieke programma’s zoals De Nieuwe Europese Bauhaus. Daarnaast heeft de “European Institute of Innovation & Technology” (EIT) onlangs een nieuwe Knowledge and Innovation Community (KIC) opgezet voor de culturele en creatieve sector. Het doel van deze “Culture and Creativity KIC” is om innovatie in de sector te bevorderen om zo bij te dragen aan de groene, sociale en digitale transitie in Europa. Hiervoor stelt het European Institute of Innovation & Technology (EIT) in totaal voor de komende 6 jaar 150 miljoen euro beschikbaar.38

2.2. Private Fondsen

Uit jaarverslagen van particuliere fondsen blijkt dat de omvang van hun financiering voor cultuur in totaal 283 miljoen euro bedroeg in 2022.39 Drie van de grootste financiers zijn de VriendenLoterij (71 miljoen), het Cultuurfonds (40 miljoen), en het VSB fonds (12 miljoen). Andere bekende fondsen zijn het Fonds21 (dat voortkomt uit het SNS REAAL Fonds), Amodo, Droom en Daad en het Gieskes Strijbis Fonds.

Het Cultuurfonds (voorheen Prins Bernhard Cultuurfonds) biedt sinds 1987 een Fonds op Naam - constructie als een speciale voorziening voor omvangrijke schenkingen en nalatenschappen. Particulieren kregen de mogelijkheid onder de paraplu van het Cultuurfonds een eigen fonds op te zetten met een zelfgekozen doelstelling en het Cultuurfonds draagt vervolgens bij aan het beheer, waaronder de behandeling van de aanvragen. In totaal beheert het fonds bijna vijfhonderd fondsen op naam, variërend van 50.000 euro tot enkele miljoenen. Het aantal fondsen op naam is de afgelopen 10 jaar verdubbeld en hun cumulatieve vermogen groeide van ruim 100 miljoen naar ruim 200 miljoen. Deze geef-constructie is daarmee steeds belangrijker geworden.40

2.3. Leningen

In Nederland zijn er een aantal leenfaciliteiten voor de culturele en creatieve sector. Leningen stellen de sector in staat om uitgaven te doen voor projecten die vrijwel of geheel zeker inkomsten gaan opleveren, zoals de aanschaf van een pand, een verbouwing of voor apparatuur. Daarnaast worden leningen aangeboden voor voorfinanciering (ook wel ‘overbruggingskrediet’ genoemd), om een kort liquiditeitsprobleem op te lossen, bijvoorbeeld als er pas betaald wordt nadat een film draait of een festival loopt of omdat een subsidiefonds later uitbetaald.

Banken verschaffen eigenlijk maar beperkt krediet aan de sector omdat culturele instellingen en bedrijven zelden voldoen aan de eisen die banken stellen. Ook is er te weinig rendement perspectief voor een marktconforme rentemarge, zijn de initiatieven vaak te kleinschalig en is er een moeilijk in te schatten risico. Banken kijken bij het verstrekken van leningen eigenlijk altijd naar de meerjarenprognose van een onderneming om te bepalen of jaarlijks op tijd rente en aflossing betaald kunnen worden.41

De Triodos Bank is van oudsher de bank in Nederland die zich heeft gespecialiseerd in de culturele en creatieve sector. De bank had in het verleden zelfs een specifiek cultuurfonds dat langdurige leningen verschafte aan de sector, gebruikmakend van twee fiscale voordelen: cultureel beleggen en de giftenaftrek. Als gevolg van het stoppen van de cultureel-beleggen regeling is het fonds inmiddels gestopt. Momenteel verstrekt Triodos nog leningen aan de sector met een focus op culturele gebouwen in Nederland en filmindustrie in o.a. Spanje en België. Triodos Bank maakt gebruik van de garantiefaciliteit voor de culturele en creatieve sector van de Europese Unie (CCS GF) door het EIF.

De organisatie Cultuur+Ondernemen biedt op het moment de belangrijkste leenfaciliteit voor de culturele en creatieve sector aan in Nederland. De “cultuurlening-faciliteit” biedt startkapitaal voor culturele ondernemingen om een nieuwe productlijn op te zetten, als overbruggingskrediet, of voor de aanschaf van een nieuw instrument of filmapparatuur of een verbouwing van een atelier of werkruimte. Cultuur+Ondernemen biedt tussen de 50-60 kredieten per jaar, met name aan film- en theaterproducenten. De cultuurleningen bedragen minimaal €5.000 en maximaal €500.000 euro.

Andere fondsen die werken met leningen in Nederland zijn het Blockbusterfonds dat leningen en garanties verschaft voor tentoonstellingen, voorstellingen en festivals. Door de garantie of lening kan een museum of presentatie plek extra investeren in de marketing van een tentoonstelling of voorstelling. Daarmee kunnen dan extra bezoekers worden aangetrokken, waarmee extra inkomsten kunnen worden gegenereerd, waarvan ook de lening kan worden terugbetaald. Het Fonds Kwadraat financiert kunstenaars, muzikanten, fotografen en ontwerpers met rentevrije leningen tot € 8.000 voor het ontwikkelen, maken en presenteren van nieuw werk. De lening kan worden gebruikt voor de productie van een tentoonstelling, een publicatie, maar ook voor de aanschaf van apparatuur of gereedschap zoals een laptop of camera, materiaalonderzoek, het maken van prototypes of de deelname aan een artist-in-residency.

Tot slot is er Brabant C, een nieuw cultuurfonds van de provincie Noord-Brabant van 25 miljoen euro gericht op cultuur en impact in Brabant. In tegenstelling tot veel andere fondsen in Nederland verstrekt het fonds naast subsidie ook leningen. Daarnaast is het een samenwerking aangegaan met ASML. Samen met het bedrijf gaat het de komende twee jaar ongeveer 2 miljoen euro investeren in culturele projecten in de regio Brainport in de vorm van subsidie en leningen. Brabant C richt zich hoofdzakelijk op grote producties, podiumkunsten/films en cultureel vastgoed.

In het buitenland zijn er ook diverse leenfaciliteiten voor de culturele en creatieve sector. Nesta heeft bijvoorbeeld sinds 2015 drie impact investeringsfondsen beheerd – het Arts & Culture Impact Fund, het Arts Impact Fund, en het Cultural Impact Development Fund. Deze fondsen bieden leningen aan sociaal gedreven kunst-, cultuur- en erfgoedorganisaties in het Verenigd Koninkrijk op een vergelijkbare manier als Cultuur en Ondernemen in Nederland. Inmiddels zijn het team van Nesta Arts & Culture Finance en de organisatie New Philanthropy for Arts & Culture gefuseerd als Figurative.42

2.4. Risicodragend kapitaal

In het bedrijfsleven wordt het eigen vermogen vaak versterkt door het uitgeven van aandelen. Het werken met aandeelhouders is echter ongebruikelijk in de culturele en creatieve sector. Er zijn daarom ook maar weinig venture capital fondsen die aandelen nemen in bedrijven in de culturele en creatieve sector. De bestaande venture fondsen hebben vaak een focus op de duurzame mode sector of op digitale platforms en apps en “immersive” en digitale kunst ervaringen.

Een voorbeeld is VP Capital, de investeringsmaatschappij van de Belgisch-Nederlandse familie Van Puijenbroek. De familie startte in 1865 met een eigen textielbedrijf. Inmiddels heeft VP Capital circa 400 directe en indirecte investeringen in verschillende bedrijven, waaronder in de maakindustrie. Daarnaast is er het Good Fashion Fund, opgericht door Laudes Foundation (voormalig C&A Foundation) dat zich richt op innovatieve oplossingen in de textiel- en kledingindustrie en specifiek op de transformatie van de textielketen in Vietnam en Bangladesh. Het Britse PDS Ventures investeert in duurzame en circulaire mode-ondernemers en het Amerikaanse Closed Loop Partners richt zich richt op nieuwe productietechnologieën, materiaalonderzoek, geavanceerde recycling technologieën, maar ook IoT- en blockchain oplossingen om de levenscyclus van materialen te volgen en de mode-industrie te transformeren.

Andere voorbeelden zijn New Renaissance Ventures uit Oostenrijk, dat investeert in startups op het gebied van nieuwe media en cultuur met een sterke technologische component. Er is PDS Capital, een modegericht fonds dat zich inzet voor een duurzame waardeketen binnen de mode-industrie. Er is het Next Narrative Africa Fund van HEVA fund dat $30 miljoen in aandelen investeert in Afrikaanse televisie- en filmprojecten met een impact op maatschappij en milieu.43 Creative UK heeft een aandelenportfolio met diverse digitale en creatieve startups, en ST’ART, een Belgische investeringsmaatschappij, biedt leningen en aandelenfinanciering aan culturele en creatieve bedrijven die gevestigd zijn in Wallonië of Brussel. ST’ART heeft momenteel een portfolio van 72 bedrijven voor een totaal van 37 miljoen euro.

In de Verenigde Staten is er ten slotte Upstart Co-lab pionier op het gebied van impact investeren in de creative economy. Upstart Co-Lab is een initiatief van Rockefeller Philanthropy Advisors, met steun van prominente fondsen zoals de Ford Foundation, Heron Foundation, Andrew S. Mellon Foundation, de Rockefeller Foundation en Surdna Foundation. Onlangs heeft Upstart 15 miljoen dollar opgehaald voor een nieuw fonds dat participeert in creatieve ventures.44

Footnotes

33. https://www.cultuursubsidie.nl/contact/vraag-en-antwoord/vraag-06#:~:text=van%20OCW%20%7C%20Cultuursubsidie-,Hoeveel%20budget%20is%20er%20beschikbaar%20voor%20de%20bis%2Dperiode%202025,loon%2D %20en%20prijspeil%202022).

34. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/11/04/meerjarenbrief-de-kracht-van-creativiteit

35. https://www.clicknl.nl/news/nationaal-groeifonds-programma-ciiic-goedgekeurd/

36. https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-economische-zaken/nieuws/2023/11/02/bedrijfsleven-kennissector-en-overheid-leggen-gezamenlijke-innovatie-inzet-vast

37. https://www.clicknl.nl/themas-en-missiegedreven-innovatiebeleid/

38. https://www.amsterdam.nl/kunst-cultuur/eit-culture-creativity/

39. https://osf.io/78j3v/download/?format=pdf

40. https://www.boekman.nl/tijdschrift-artikel/artikelen/fondsen-op-naam/

41. https://www.boekman.nl/wp-content/uploads/2012/01/bm89_holterhues_neerwaartse_spiraal.pdf

42. https://figurative.org.uk/about/our-story/

43. https://www.hollywoodreporter.com/business/business-news/next-narrative-africa-fund-film-tv-new-media-1236006668/

44. https://impactalpha.com/upstart-co-lab-raises-15-million-to-invest-in-an-inclusive-creative-economy/